Onderzoek ADHD

ADHD bij kinderen

Kinderen met ADHD zijn snel afgeleid. Ze kunnen niet lang ergens de aandacht bij houden. Vaak is er ook sprake van lichamelijke onrust (friemelen, wiebelen) en grote beweeglijkheid (steeds opstaan en rondlopen).

Als ouder speel je een belangrijke rol in het tijdig herkennen van de signalen die op ADHD bij je kind of peuter kunnen wijzen. Op deze pagina vind je een overzicht van de belangrijkste symptomen.

Soms hoor je nog dat het aan de opvoeding ligt dat een kind zo druk is. Dat is absoluut niet waar. Uit diverse onderzoeken blijkt dat mensen met ADHD een andere hersenwerking hebben dan andere mensen. ADHD is dus geen ziekte, het ligt niet aan de opvoeding. Wel is ADHD erfelijk. Het kan 'in de familie zitten'.

Kenmerken ADHD bij kinderen

Natuurlijk hebben niet alle drukke of dromerige kinderen ADHD. Je hoeft je dus niet onmiddellijk zorgen te maken als je jouw kind of peuter in enkele symptomen herkent. De kenmerken alleen zijn onvoldoende om de diagnose ADHD te stellen. Het is dan ook raadzaam om zelf geen conclusies te trekken, maar een specialist in te schakelen die de diagnose ADHD al dan niet vaststelt bij jouw kind.


Kenmerken voor kinderen met ADHD zijn:

  • Onoplettendheid, concentratieproblemen
  • Erg druk zijn (hyperactief)
  • Impulsiviteit (niet denken, maar doen)

Het gedrag van het kind met ADHD zorgt vaak voor problemen in het gezin, op school of in het contact met vriendjes en vriendinnetjes.


Symptomen onoplettendheid of slechte concentratie:

  • Onvoldoende aandacht aaniets schenken en daardoor fouten maken (bijvoorbeeld in schoolwerk)
  • Moeite om de aandacht erbij te houden
  • Niet goed kunnen luisteren
  • Niet doen wat anderen van het kind vragen
  • Moeite om taken af te maken
  • Regelmatig spullen kwijt zijn
  • Snel afgeleid zijn
  • Vaak iets (een afspraak, een opdracht) vergeten

Symptomen hyperactiviteit en impulsiviteit:

  • Wiebelen, veel bewegen met handen / voeten, draaien op de stoel
  • Niet kunnen blijven zitten
  • Rondrennen, overal op klimmen
  • Geen rust nemen, voortdurend bezig zijn (doordraven)
  • Bij oudere kinderen: onrust, moeilijk kunnen ontspannen
  • Moeilijk rustig kunnen spelen
  • Veel praten
  • Moeite om op de beurt te wachten

Doelmatige diagnostiek

Wanneer diagnostiek nodig is, doen we dit zorgvuldig en onderbouwd, gericht op het onderscheiden van ADHD en eventuele comorbiditeit. We brengen niet alleen het gedrag van het kind in kaart, maar juist ook de sociaal-emotionele ontwikkeling, gezinscontext en interactiepatronen. Daarnaast kijken we naar de opvoedvaardigheden, eventuele ouderproblematiek, medische bijzonderheden en eerdere hulpverlening.

Terug